Het nut van winterbanden, hoe te handelen bij sneeuwbuien eem juiste zithouding en stuurtechniek en waar moet je goed naar kijken bij je banden.
Waarom winterbanden?
's
Winters is de weg altijd minder betrouwbaar dan bij warm weer; ongeacht of u te
maken hebt met sneeuw, ijzel of gewoon een nat wegdek, de grip is altijd minder
dan in de zomer.
Dankzij
de specifieke vorm van de winterband, die het water onder de band afvoert,
vermindert een winterband de risico's van aquaplaning. Een winterband heeft een veel betere grip en een uitstekende rijeigenschappen,
dankzij het profiel dat dieper is dan bij een zomerband. Het profiel van een
winterband heeft namelijk veel meer lamellen dan een zomerband, zodat hij meer
grip heeft in sneeuw. Een winterband heeft een bijzonder rubbermengsel met
silica dat zich aanpast aan de koude temperaturen en zorgt voor een groter
remvermogen.
Voorkomen is beter dan slippen
Een auto slipt nooit uit zich zelf, daar
moet je wel wat voordoen. Op koude, natte en gladde wegen is het slipgevaar het
grootst.
Let ook op het verkeerd afhellen,
buitenbocht laag, binnenkant bocht hoger, we noemen dat een verkeerde
verkanting. In deze bochten zal de auto eerder gaan slippen.
Let ook op veranderingen van wegdek als
het nat en koud is. Bijvoorbeeld een overgang van nat asfalt naar een
klinkerwegdek kan slippartijen opleveren. De auto zal ook eerder slippen bij
een onjuiste bandenspanning, controleer deze ook in de winter.
Het begin van slippen ontstaat vaak uit
een bruuske manoeuvre, een ruk aan het stuur of hevig remmen leiden al snel tot
slippen van de auto. Terugschakelen in de bocht en de koppeling fel laten
opkomen leid al snel tot het slippen van de auto.
Rem en schakel terug vooral op natte en
gladde wegen, voor de bocht.
Winterbanden wissel
Dat rijden op winterbanden bij
temperaturen van 7 graden of minder voordelen oplevert behoeft geen betoog meer
bij de berijders van deze banden. Het komt voor dat de winterbanden qua
profieldiepte te ondiep worden om een juiste werking te waarborgen. Niet veel
bestuurders weten
dat de minimale gripgrens van een
winterband op sneeuw minimaal 4 mm profieldiepte vereist.
Een toenemend verschijnsel is echter dat
bestuurders van winterbanden die nog enkele millimeters profiel hebben hiermee
doorrijden tot de lente en vaak nog een deel de zomer in. Bij temperaturen van
bijvoorbeeld rond de 20 graden, neemt de werking in grip enorm af en de lengte van
de remweg toe! Ook het rijden van bochten met versleten winterbanden onder deze
temperaturen lijkt op het rijden op vier sponzen! Het niet tijdig wisselen van
de winterbanden met zomerbanden kan tot hachelijke situaties leiden. Het is een
verkeerde en verkeersonveilige gedachte om winterbanden "af" te
rijden.
Sneeuwbuien
De remweg op sneeuw wordt door de meeste
automobilisten ernstig onderschat. Als de snelheid namelijk verdubbelt,
bijvoorbeeld van 30 km/h naar 60 km/h, wordt de stopafstand maar liefst vier
keer zo lang. Onder geen andere weersomstandigheid dan sneeuw of ijzel, kunt u
ervaren hoeveel vier keer de remweg lengte kan zijn. Daar helpt ook geen ABS
systeem bij! U kunt met ABS hoogstens wegsturen van een stilstaande auto of
object voor u, maar de remweg wordt nauwelijks korter.
Tip: als het nu weer sneeuwt, rijdt u
dan naar een afgelegen industrieterrein en remt u eens met een snelheid van 20
km/h en daarna met 40 km/h per uur door tot u weer stil staat. Daarna laat u
het verschil in de lengte van de stopafstand goed op u inwerken. U zult merken
dat het u zal helpen in het verkeer, of tijdens de wintersport wanneer u eens
flink moet remmen! Nog beter is natuurlijk het volgen van een RijVaardig- &
Antislip Training.
Indien u vast raakt in de sneeuw,
probeert u dan eens achteruit weer weg te rijden. Een voorwiel-aangedreven auto
is dan plotseling een achterwielaangedreven auto met meer druk op de
aangedreven wielen. Denkt u er ook aan dat u in de sneeuw sneller schakelt
zodat u de trekkracht van de auto goed voelt, u dient het koppel beter te
benutten dan het vermogen van de motor. Stuur zo min mogelijk en wanneer de
auto achter wegglijdt, stuurt u dan in de gewenste rijrichting. Glijdt de auto
over de voorwielen, stuur vooral niet méér in dan u deed toen u de bocht
instuurde. Heeft u ABS, vertraag dan en trap hierbij altijd de koppeling in.
De meeste auto's met een automaat hebben
een winterstand, aangeduid met een W. De auto rijdt nu in een hogere
versnelling weg waardoor de kans op doorslippen verkleind wordt.
Toch blijft het volgen van de
Rijvaardig- & Antislip training de beste voorbereiding op de winterse
verkeersomstandigheden. U hebt er jaren gemak en plezier van. Althans, zo wordt
ons door vele cursisten die de training volgden verteld.
Zithouding en stuurtechniek
Een dagelijks terugkerend aandachtspunt is de
zit- en stuurpositie. Kijkt u eens om u heen en u verbaast u zich over het
aantal bestuurders die "liggen" achter het stuur. De meeste
bestuurders dragen geen gordel, bellen en sturen tegelijk. Het is een wonder
dat er niet nog meer ongelukken gebeuren.
Gezien het feit dat in bijna alle auto's
de stoel en het stuur ten opzichte van bijna iedere lichaamshouding kan worden
aangepast, volgen hier een aantal tips;
Wees een actieve bestuurder. Plaats de
rugleuning rechtop. Houd de armen zo dat de ellebogen geknikt zijn om het stuur
op de kwart voor drie stand goed te kunnen vasthouden.
Duimen mogen tegenwoordig in het stuur
om het gewicht van de arm op schouder en hand te ontlasten.
Bij bochten, houd het stuur vast totdat
u het punt van "op slot raken" nadert. Nu kunt u 80% van alle bochten
besturen zonder de handen van het stuur te nemen. Als de auto in de slip raakt
kunt u altijd de rechtstand van het stuurwiel hervinden. Haakse bochten neemt u
bij voorkeur door de doorgeef stuurtechniek toe te passen.
Bij een bocht naar rechts: rechterhand
trekt het stuur van 12 uur naar 6 uur, linkerhand stuurt vanaf 6 uur tot het
punt van insturen. Gebruik altijd de duwhand om door een bocht te rijden. De
duwhand drukt u via de arm vaster in de stoel voor een beter contact met de
auto.
Het voetenwerk: bedien de koppeling
nooit met een gestrekt ingetrapt linkerbeen, dit is gevaarlijk bij aanrijdingen
en het werkt vermoeidheid in de hand doordat vaak ook de zitting van de stoel
door het bovenbeen wordt ingedrukt. Als u hard moet remmen gaat dit onvoldoende
krachtig als u dit met het gestrekte rechterbaan doet! Zorg voor een knik in de
benen als u de pedalen bedient.
Tip: bij een noodstop, trap tegelijkertijd
de rem en de koppeling in, nu kunt u met uw rechterbeen krachtiger het
rempedaal intrappen. Let op bij een auto met ABS remsysteem, vol op de rem
blijven trappen totdat u stilstaat. Vooral de rem tijdens het bibberende gevoel
bij het gebruik van het ABS systeem vast blijven houden.
Veel ouders bieden hun kinderen een
RijVaardig- & AntislipTraining aan. Misschien ook leuk als cadeau voor de
feestdagen. Wij hebben hiervoor de cadeaubon, een veilige investering!
Banden
De banden onder uw auto voeren alle
commando's uit die u door middel van het stuur of de pedalen aan richting- of
tempoveranderingen opdraagt.
Veel bestuurders verzolen eerder de
schoenzolen dan op de profieldiepte van de band acht te slaan. Juist bij de
naderende vakantie tijd is het raadzaam de banden aan een extra inspectie te
onderwerpen.
Controleer in eerste instantie de
bandenspanning. Let erop dat u dit bij een goede bandenpomp uitvoert. U speelt
op zeker als u meteen langs een bandenbedrijf rijdt, bij de meeste benzinepompen
is de bandenspanningapparatuur defect of onnauwkeurig. Vanaf stilstand dient u
binnen ongeveer 3 kilometer bij een controlepunt te zijn anders wordt de lucht
in de banden te warm voor een objectieve meting.
Kies in de vakantietijd voor de hoogst
toegelaten spanning dan zit u bij een maximale belading altijd goed.
Bedenk dat een te zachte bandenspanning
tot aanzienlijk meer brandstof verbruik leidt en dat bij een plotselinge stuur-
of uitwijk manoeuvre de auto niet zo reageert als u verwacht.
Tevens is het uit milieutechnisch
oogpunt zeer aan te bevelen om met een correcte bandenspanning te rijden.
Regelmatig, elke 14 dagen, de
bandenspanning controleren hoeft niet meer als u de banden laat vullen met
stikstof. Voor een gering bedrag kan dit bij de bandenspecialist. Vergeet
hierbij tevens het reservewiel niet.
Wat wel blijft is de optische controle.
Kijk goed over het profiel van uw banden, bijvoorbeeld tijdens het tanken of
tijdens het autowassen. Regelmatig ontdek ik bij banden van cursisten een stuk
glas, een spijker of een schroef in het loopvlak. Een lekke band ontdekken is
bij stilstand veiliger dan dat u bij 120 km per uur een klapband krijgt. U
rijdt dan 33 meter per seconde en tijdens een lekke band ontdekt u ineens hoe
snel dit wel niet is. Een ongeluk is dan zeer nabij.
Bij rijden op modder wegen of in de
regen is de profieldiepte van groot belang. Het profiel in de banden voert
immers het water en of modder op veilige wijze af. Hierdoor behoudt u de
controle. Een nieuwe band heeft ongeveer 7 tot 8 mm profieldiepte. De minimum
profieldiepte is volgens de wet 1,6 mm. Maar laat het niet zover komen! Tijdens
stromende regen met 120 km per uur rijden met banden met 1,6 mm is ronduit
gevaarlijk. U raakt onherroepelijk in een aquaplaning situatie en de kans is
groot dat u de macht over het stuur verliest.
U vindt de juiste bandenspanning veelal
in de tankdop of op de A of B stijl van uw auto en anders in het
instructieboekje.
Heeft u, bij wijze van oefening thuis
voor de deur wel eens een band gewisseld. Doet u dit eens! Raadpleeg het
instructieboekje. Daarin staat stap voor stap de handelingsvolgorde omschreven.
Om dit bij nacht en ontij te moeten ontdekken, met een lekke band is meestal
minder aantrekkelijk. Weet ook de adapter van de slotbouten te vinden in uw
auto.
Tip: Als u nieuwe banden koopt, overtuig
u ervan dat de banden die u worden aangeboden dit ook zijn. Op elke auto band
staan in de omgeving van de DOT code 4 cijfers, bijvoorbeeld 3402. Deze band is
in week 34 van het jaar 2002 geproduceerd. Accepteer geen "nieuwe"
banden die veel ouder dan 1 jaar zijn.
Een band is voor een deel een
natuurproduct, rubber veroudert. Banden, let vooral op bij aanhanger, trailer
en caravans, mogen niet ouder dan ongeveer 5 jaar zijn. Daarna neemt door droogtescheurtjes
in de band, de kans op een klapband of een loop vlakseparatie met sprongen toe.
|